Een vroege Duitse Schwarzwalder polychrome koekkoeksklok, circa 1830
€ 8500 $ 9796 £ 7417 ¥ 1563490 DKK 63514 CHF 7831 NOK 95442 CA$ 13626 HK$ 76776
Verzendt vanuit Nederland
€ 26000 $ 29965 £ 22686 ¥ 4782440 DKK 194277 CHF 23954 NOK 291941 CA$ 41678 HK$ 234845
Voor de meeste mensen is een slinger een onderdeel dat hoort bij een klok. Dit vroege exemplaar heeft echter nog een balanswiel dat de snelheid van het uurwerk bepaalt. Dat een slinger de eigenschap heeft dat deze ongeacht de snelheid van bewegen toch regelmatig slingert werd ontdekt door Galileo Galilei in het begin van de 17e eeuw. In 1656 werd de slinger door Christiaan Huygens toegepast bij een uurwerk. Voor deze ontwikkeling werden uurwerken gereguleerd door een foliot of net als bij deze klok een balanswiel. De nauwkeurigheid was echter niet erg groot en afwijken van tien minuten of meer per dag waren heel gewoon. Als tijdmeter is een balansklok niet heel geschikt in onze tijd maar als historisch object uit een heel andere periode des te interessanter. Deze aantrekkelijkheid wordt nog vergroot door het mechaniek dat deze klok heeft. De mond van de mannenkop gaat open en dicht door het slaan van de klok. Dit moet in de late 16e eeuw een hele belevenis zijn geweest voor de mensen die het zagen.
De ijzeren wijzerplaat is polychroom beschilderd. De grote cijferring heeft Romeinse cijfers voor de 1-12 uren en een buitenring met Arabische cijfers voor de uren 13-24. Hieronder is een cijferring voor de kwartieraanduiding. Beide wijzers zijn gemaakt van ijzer. Binnen en om de cijferringen is de wijzerplaat versierd met pluimen. Boven de wijzerplaat is een belhek waarin twee vogelkoppen zijn verwerkt naast een mannenkop waarvan de mond beweegt met het slaan van het slagwerk.
Het uurwerk is geheel gemaakt van ijzer wat typisch is voor deze vroege klokken. Het gaand werk wordt gereguleerd door een balanswiel met een gewicht dat verzwaard kan worden om de klok af te regelen. De klok slaat de hele uren op een bel. Het slagwerk is verbonden met de mond van de mannenkop die daardoor tijdens het slaan open en dicht gaat. Dit wordt ook wel een ‘gapermechaniek’ genoemd.
De ijzeren kast heeft ook aan de zijkanten ajour gezaagde belhekken met vogelkoppen boven de deuren die versierd zijn met florale krullen. De onderkant is geschulpt en de klok hangt met een oog en afstandhouders aan de muur.
Gerelateerde content